10   +   8   =  

“Circulair ontwerpen en bouwen is een kwestie van ‘trial and error’. Er bestaat nog geen handleiding,”aldus Ronald Olthof (LKSVDD architecten). Volgens hem zit de architectuur in Nederland in een fase waarin iedereen de juiste strategie probeert uit te vinden. “Een 100% circulair gebouw is nu nog een onhaalbare kaart, maar je kunt wel het maximale eruit halen”, vertelt Olthof. Zelf houdt hij zich al meer dan tien jaar bezig met circulair ontwerpen en bouwen, “al bestond de term circulair toen nog niet”. Tijd voor een goed gesprek over de lessen die hij heeft geleerd.

Waarmee begin je bij een circulair ontwerp?

“Je begint met een kritische blik op het programma van eisen. Heb je al die ruimte daadwerkelijk nodig? Het meest duurzaam is om zo min mogelijk te bouwen. Vervolgens onderzoek je of je materialen kunt hergebruiken. Zo ontwierpen wij dit jaar voor een selectie in Nieuwendijk een nieuw schoolgebouw waarbij we voorstelden zoveel mogelijk materialen uit de bestaande school te halen. Als we nieuwe materialen toepassen, dan zorgen we ervoor dat ze zo min mogelijk milieubelastend zijn en waar mogelijk binnen een straal van 50 kilometer worden geproduceerd.”

Zijn de materialen – hergebruikt of niet – leidend bij een circulair ontwerp?

“Ik maak van tevoren altijd een ideale vorm, maar deze is heel flexibel. Voor het Upcycle Centrum in Almere had ik bijvoorbeeld bedacht dat het dak als een vel papier boven het milieuperron moest zweven. Dit was een van de belangrijkste speerpunten uit het ontwerp. Daar ben ik de juiste materialen bij gaan zoeken. Uiteindelijk konden we hiervoor de staalconstructies van een oude sporthal en een oud zwembad gebruiken. Omdat het staal al eerder was gebruikt, moesten we voor de veiligheid overdimensioneren. Dit betekende dat ik het dakontwerp moest aanpassen. Daarmee is het anders geworden dan ik de eerste ontwerptekening, maar mijn speerpunt – het zwevende dak – is overeind gebleven.”

Is het mogelijk om moderne architectuur te maken met hergebruikte materialen?

“Iedereen denkt bij het toepassen van hergebruikte materialen aan geitenwollensokkenarchitectuur. Maar dat beeld is achterhaald. Wij hebben ooit in 2010 – toen circulariteit bijna nergens nog op de agenda stond – een daklozenopvang in Zwolle gebouwd met restpartijen baksteen. Vervolgens hebben we die stenen wit gekeimd. Van veraf ziet de wand er strak uit, maar van dichtbij openbaart zich de fijne structuur van de verschillende bakstenen.”

Wat is de ideale opdrachtgever voor een circulair gebouw?

“Een opdrachtgever die de tijd heeft en niet vanaf dag één stuurt op een tot in detail uitgewerkte ontwerptekening. Hoge circulaire ambities vragen tijd en flexibiliteit. Er gaan veel uren zitten in onderzoek naar herbruikbare en duurzame materialen, net als in het maken van de juiste keuzes. Als die tijd of flexibiliteit er niet is, dan proberen we de opdrachtgever mee te krijgen om het ontwerp zo circulair mogelijk te maken. Dit betekent dat we niks verlijmen. Mocht het gebouw worden afgebroken dan kunnen de meeste materialen er relatief schoon uit worden gehaald om opnieuw te gebruiken.”

Wat is nodig zodat er meer circulair wordt ontworpen en gebouwd?

“Vooralsnog is circulair ontwerpen en bouwen duurder, waardoor het voor veel partijen – vooral voor particulieren en veel ontwikkelaars – niet aantrekkelijk is. Gebruikte materialen zijn in eerste instantie goedkoper, maar je hebt tijd nodig om ze te vinden en ze geschikt te maken voor een nieuwe toepassing. Zo kost het minder om een nieuw kozijn te maken dan bestaande kozijnen op te knappen. De overheid onderzoekt nu of de belasting op uren omlaag kan en op materialen omhoog. Dit is in mijn ogen noodzakelijk willen we als maatschappij de shift maken naar een circulaire samenleving.”

Dit interview met Ronald Olthof is geschreven in opdracht van de BNA Academie. Bekijk hier ook het actuele cursusaanbod.