3   +   2   =  

Moeten we geen ‘pandemiebestendige’ gebouwen ontwerpen? Of stedelijke ruimtes waarin we 1,5 meter afstand kunnen houden? De afgelopen weken werden tijdens vergaderingen deze vragen vaak gesteld. Verschillende adviseurs moedigden onze opdrachtgevers aan om ‘vooruit te denken’. Ik deel hun gretigheid om te leren van de huidige situatie en met oplossingen te komen. Maar we moeten dit niet te letterlijk en te kortzichtig te doen.

Natuurlijk zijn koperen deurgrepen die de verspreiding van bacteriën helpen verminderen of eenpersoonsbanken op pleinen geen slechte ideeën. Maar de hyperfocus om een soortgelijke sanitaire crisis te voorkomen, negeert de onvoorspelbaarheid van het leven en de natuur. Slechts zelden slaan ze tweemaal op precies dezelfde manier toe. Wat echt nodig is, is veerkracht.

Veelzijdige aanpak

Stedelijke veerkracht is het vermogen van een stad om te overleven, zich aan te passen en te groeien ondanks acute schokken en chronische stress. Acute schokken of plotselinge gebeurtenissen variëren van aardbevingen tot uitbraken van ziekten zoals het coronavirus. Chronische spanningen zijn daarentegen langzaam brandende rampen, zoals endemisch geweld en discriminatie of voedsel- en watertekorten.

Architecten en ontwerpers streven van oudsher naar verbetering. Tegenwoordig richten ze zich op milieuvriendelijker bouwen of het dichten van sociale hiaten met bijvoorbeeld kwalitatieve betaalbare huisvesting. Stedelijke veerkracht gaat over deze extra stap, over het aanpakken van een probleem vanuit verschillende perspectieven: sociaal, economisch en ecologisch. Het doet me denken aan het kubisme, een kunststroming waarin Picasso, Braques en anderen dezelfde scènes vanuit meerdere gezichtspunten afbeeldden.

Persoonlijke ontmoeting met veerkracht

In onze persoonlijke levens is er weinig verschil. Ik werd persoonlijk geconfronteerd met veerkracht toen ik tijdens mijn master aan de Academie in rechterhand last kreeg van RSI. Het was een slopende tijd waarin ik overdag werkte en ’s avonds leerde. En ineens mocht ik geen computer meer gebruiken. Ik moest met medisch verlof. Ik bedacht me echter de voordelen die veerkracht heeft. Ik besloot dat ik beter energie kon steken in opbouwen van mezelf in algemene zin in plaats van alleen in het rusten en genezen van mijn arm. Allereerst emotioneel door een gezonde werk-privébalans na het streven en het onderhouden van relaties. Fysiek door een gezond dieet en genoeg lichaamsbeweging. En intellectueel door interessant werk en stimulerende ontmoetingen.

Door op deze manier aan mezelf te werken, zorg ik ervoor dat ik beter ben voorbereid op wat het leven voor mij in petto heeft. Want als tegenspoed de kop opsteekt, kan het in elke denkbare vorm zijn: van ziekte of het verlies van dierbaren tot werkloosheid of een burn-out. Ik kan de toekomst niet voorspellen, maar ik kan me wel zo goed mogelijk voorbereiden op zowel het verwachte als het onverwachte.

Robuustheid opbouwen

Als ontwerpers van de gebouwde omgeving is dit ook onze taak. Met elke interventie moeten we robuustheid en veerkracht stimuleren. Dit betekent dat we meer moeten doen dan slechts reageren, maar dat we ons moeten richten op het bouwen van veerkrachtige gebouwen, buurten, steden en regio’s. Alleen zo stellen we ze in staat om terug te stuiteren als ze worden geconfronteerd met spanningen of acute schokken, zoals de coronapandemie, maar ook komende crises.