6   +   4   =  

Profetieën over hoe de coronacrisis de stad en het vak van de architect gaan veranderen, zijn niet aan Marjolein van Eig, architect en oprichter van BureauVanEig, besteed. Dat er op dit moment veel stuk gaat, dat is duidelijk, maar wezenlijke veranderingen zullen uitblijven. En uiteindelijk zal zij, het kan even duren, gewoon weer een pakje boter delen met collega’s op kantoor.

Een stukje van Tommy Wieringa dat onlangs in het NRC verscheen, raakte aan haar sentimenten over de coronacrisis, vertelt Marjolein van Eig. Ze is een van de drie oud-winnaars van de Abe Bonnema Prijs voor Jonge Architecten die we interviewen over welke impact de coronacrisis op ze heeft. En in hoeverre hun visie op het vak erdoor is veranderd.  Kort samengevat denkt Wieringa – en Van Eig sluit zich hierbij aan: we doen wat aan bezinning nu we noodgedwongen in een kamer zitten, en hopen dat alles na de crisis beter zal zijn. Maar zodra dit voorbij is, valt de mens – onveranderlijk en hopeloos – weer terug in zijn oude doen. “Ik hoop natuurlijk ook van harte dat we blijvend minder zullen consumeren, vliegen en zorgvuldiger om zullen gaan met de aarde”, zegt ze. “Maar ik vergelijk het met goede voornemens: een tijd ben je blij met je nieuwe levensstijl. Totdat je het loslaat en binnen no-time terug bij af bent, of erger. Nadat er een vaccin is gevonden, wil iedereen weer terug naar zijn comfortabele leven.”

Corona-wandelingen

Theorieën dat corona ‘de dood van de stad’ zou zijn, of dat we in de toekomstige anderhalvemetersamenleving nooit meer met zijn allen in een lift staan met als resultaat meer trappen en lageren gebouwen, wuift Van Eig resoluut weg. Ze refereert aan andere pandemieën in het verleden, die even snel verdwenen als ze opkwamen, met nul effect op de ruimtelijke ontwikkeling. “Natuurlijk is het fijn als gebouwen royale trappen krijgen of de straten meer groen – maar simpelweg omdat dat prettig is. En niet omdat de huidige situatie het ‘nieuwe normaal’ is, want het is niet normaal. Desalniettemin: als corona de aanleiding is om meer ruimtelijkheid in te bouwen, zeker in de Nederlandse, op efficiëntie gerichte woningbouw, dan zeg ik daar alleen maar op: heel gráág.”

Waar anderen nu vooral de gebreken van een stad zien en het voor ‘onleefbaar’ verklaren, is Van Eig haar stad – Rotterdam – juist meer gaan waarderen. “Ik denk steeds: wat fijn dat we al die parken hebben, wat goed dat er zoveel fietspaden zijn.” De afgelopen weken maakte ze regelmatig coronawandelingen door de stad met een vriendin. Met een fles wijn in de hand ontdekte zo veel nieuwe, mooie plekken. “Ook de rafelranden, waar bedrijventerreinen zich bevinden. Het is er ruig en ongecultiveerd, maar het zijn prima plekken om te verblijven en hebben hun eigen charme.”  

Klein en wendbaar

Door haar nuchtere kijk op de situatie en de overtuiging dat de crisis slechts een rimpeling is in de tijd, is ze al na anderhalve maand thuis weer grotendeels terug op kantoor gaan werken met haar drie collega’s. “Uiteraard met de nodige aanpassingen als stickers op de vloer, een andere indeling en zelf meegebrachte lunch – want boter smeren uit hetzelfde kuipje is natuurlijk uit den boze.” Van Eig: “Ik miste het om ’s ochtends ‘hoi’ tegen mijn collega’s te zeggen. Dat deden we de eerste weken via video-call, maar dat was toch wat ongemakkelijk.”

Ondanks haar wens om zo snel mogelijk terug naar het oude te gaan, is het maar de vraag hoe de komende tijd er concreet uit zal zien voor BureauVanEig. Vindt ze het als directeur spannend, deze onzekerheid? “Jazeker. Voorlopig gaat alles redelijk door, met ups en downs, maar de vraag is wat de economie – en dus de sector – gaat doen na de zomervakantie.” Tot nu toe blijven de opdrachtgevers haar bureau vinden en blijft ze optimistisch: BureauvanEig is klein en flexibel en past zich makkelijk aan. “Het ‘leuke’ aan de crisis is dat je jezelf opnieuw moet uitvinden. Daar komen ongetwijfeld weer nieuwe, inspirerende plannen uit.’

Dit is de eerste aflevering van een reeks gesprekken met drie oud-winnaars van de Abe Bonnema Prijs voor Jonge Architecten. Marjolein van Eig won de prijs in 2014. Ben jij architect en geboren na 31 december 1980? Doe mee en maak kans op de prijs van 20.000 euro. Schrijf je vóór 15 juni in via abebonnemaprijs.nl